Posted on

Sterren

Een Maastrichts feestje in Scheveningen, want de echtgenote van de hotelmagnaat van Amrâth verhuisde haar levenswerk – Gallery Bell’Arte – van het diepe zuiden naar ‘hun’ Kurhaus. Een middag bourgondische glamour aan de Noordzee.

De openbare vertrekken in Scheveningens bekendste badhotel zijn vanaf nu definitief het domein van galeriehoudster Doret Huibers. Dat zij en haar man Giovanni van Eijl al jaren verkeren in de high society van het zuiden des lands, is aan de uitdossing van de gasten goed te zien. Geen nuchtere stappers en gemakkelijke knotten, maar stiletto’s, glitterjurken en verscheidene lagen make-up. Een enkele heer met geverfde lokken; Chic van haast buitenlandse proportie die je vooral onder de rivieren tegenkomt.
Ook oud-burgemeester van Maastricht Gerd Leers toog helemaal naar de badplaats om de opening van de expositie ‘Stars’ bij te wonen. “Eens even kijken hoe prachtig die beelden erbij staan,” zegt hij tegen exposerend kunstenaar Chris Tap, die druk doende is een levensgrote leeuw af te boetseren in de Kurzaal. “Ik ben Gerd Leers,” voegt hij er voor de zekerheid aan toe. “Ja, ik dacht al: een bekend gezicht,” reageert Tap stoïcijns.

Modeontwerpster Fong Leng en schilderes Astrid Engels onthouden zich van commentaar en lopen samen langs de bronzen panters en stieren voor in de wat grotere huiskamer, en de werken van Fong Leng’s partner Gerti Bierenbroodspot.
Scheveningen-wethouder Boudewijn Revis (VVD) opent de expositie en is met partijgenoot Det Regts naar het Kurhaus gekomen. Als raadslid beheert zij namens de liberalen de cultuurportefeuille. “Ik stel je even voor aan Det, want zij snapt hier veel meer van dan ik,” zegt Revis quasi-verontschuldigend tegen Huibers, vlak voordat hij de microfoon ter hand neemt. De speech die volgt, gaat inderdaad meer over ‘impulsen’, ‘bouwen’ en ‘vertier’ in de ‘grootste en bekendste badplaats van Nederland’ dan over de tentoongestelde werken.

Kunstrecensent Wim van der Beek biedt daarna meer dan voldoende tegenwicht met een verhandeling over het universum en de kunst die ‘sterren laat trillen en het heelal doet schudden’. Een mooi bruggetje om uitgebreid te kunnen stilstaan bij het thema van de expositie én de ‘3D-kunstlichtwerken’ over zonnen en planeten van Arvid Henkes, ook exposant en toevallig de zoon van de galeriehoudster. Intussen wordt voor de gasten goed gezorgd met schalen vol drank. Dat ontgaat ook een toeristengezelschap niet dat zich als toevallige passanten tussen de hotemetoten begeeft. Eén van hen zegt over de sculpturen: “IJsberen, ja, daar moet je wat mee hebben.” Twee dames twijfelen of ze iets van de schaal zullen pakken, waarop een derde van een afstandje roept: “Pakken! Gewoon pakken! Verderop zijn ook nog hapjes, niet te bescheiden.”
Jasper Gramsma